De mobiliteitskosten blijven ondanks de thuiswerktrend stijgen

NZMO | Onderzoeker Eric Vousten: EV-kantelpunt is aangebroken

Gandor Bronkhorst Gandor Bronkhorst
• Laatste update:
Eric Vousten. (Beeld: Marcel Cazemier)

Vorig onderzoek was het verhaal vooral corona en of thuiswerken zou inburgeren. Wat is het verhaal dit jaar?

“Veel zaken stabiliseren nu. Bijvoorbeeld als je kijkt naar hybride werken. Vorig jaar zagen we veel veranderingen ten opzichte van de jaren ervoor. Thuiswerken lijkt zich te gaan stabiliseren op een bepaald niveau; welke dagen en hoeveel uren. Aan de andere kant neemt ook het aantal gereisde kilometers van zakenauto’s toe. Dat was overigens exact conform de verwachting die we vorig jaar uitspraken. We zitten nu net iets onder het niveau van voor corona. De verwachting is dat we volgend jaar weer net zoveel kilometers maken als in 2019.”Bestel het Nationale Zakelijke Mobiliteits Onderzoek hier.

Zijn er bedrijven die er wel in slagen minder kilometers te maken?

“Grote bedrijven, dus meer dan duizend werknemers, zijn zoals altijd atypisch. Die lopen voorop als het gaat om mobiliteitsbeleid. Zij hebben een heel duidelijk beleid om het aantal auto’s af te bouwen en het aantal kilometers te verminderen. Dat lukt maar deels. Die intenties zijn er, maar de wereld begint weer te draaien en dat leidt tot meer kilometers.”

Veel bedrijven willen kosten besparen door thuis te werken, maar gaan die kosten ook daadwerkelijk omlaag?

“Daar zien we twee dingen. Ten eerste dat de mobiliteitskosten over het algemeen omhoog gaan, behalve bij grote en ICT-bedrijven omdat daar significant minder gereisd is. Over de gehele linie zullen de kosten wel stijgen, maar dat is niet alleen te relateren aan toename van activiteit, dat zit ook in de brandstof- en leasekosten. Per medewerker wordt dus wel een stijging verwacht.”

Hoe zit het met het gebruik van OV?

“Het gebruik van OV is toegenomen, maar vlakt af. De reisfrequentie bij zakelijk treingebruik zit op 65 procent van het niveau voor corona. Bij bus, trein en metro ligt dat op 85 procent. We hadden vorig jaar voorspeld dat de treinreisfrequentie zou toenemen, maar dat is dus niet gebeurd. Daar kan ik geen oorzaak bij noemen, anders dan dat die mensen vaker thuiswerken.

Het aantal bedrijven dat een EV verplicht, stijgt flink

Treinreizigers maken nog wel het meeste gebruik van alternatieven. Dat kan een ov-auto, deelauto of een privéauto zijn. Je ziet dat deze groep ook het meeste open staat voor mobility as a service. De zakenautorijder heeft het minste behoefte aan alternatieven.” 

Groeit milieubewustzijn als keuze-argument?

“Een zo kort mogelijke reistijd is voor iedereen de belangrijkste beweegreden om te kiezen voor een bepaald hoofdvervoermiddel. Behalve voor de fietser – maar die heeft sowieso een atypisch keuzepatroon. Zowel de fietser als de treinreiziger vindt milieu heel belangrijk, maar dit is een argument dat we steeds meer terugzien. Tien jaar geleden zag je dat argument ook verschijnen bij waarom mensen een lage bijtellingsauto kozen, maar die voordelen zijn er nu niet meer. Toch zijn de redenen blijven staan, waardoor je ziet dat die argumentatie steeds belangrijker wordt. Bij reizigers, maar zeker ook bij bedrijven.”

Maar kosten lijken mij de belangrijkste reden?

“Kosten blijken voor bedrijven altijd de hoofdreden om de mobiliteit in te richten zoals ze doen. We zien nu echter dat milieubewustzijn met maar liefst zestien procentpunt is gestegen. Bij veel grote bedrijven scoort milieubewustzijn nu zelfs hoger dan kosten. En dat is echt een kantelpunt. Medewerkertevredenheid steeg ook met zestien procentpunt, een duidelijke verschuiving.”

Zijn er ook dingen die jullie verkeerd voorspelden?

“Vorig jaar voorspelden we een lichte daling van het totale wagenpark zakelijke auto’s omdat daar echt beleid op gemaakt wordt. Ondanks de marktomstandigheden zijn er nu echter weer meer bedrijven die groei voorspellen en daarmee ook de mobiliteitsbehoefte. Dat had ik niet verwacht. We hadden verwacht dat het wagenpark langzaam zou afnemen. De lichte krimp is omgezet in lichte stijging. Dat is absoluut opmerkelijk.”

In hoeverre is mobiliteitsbeleid een keuzecriterium voor werknemers?

“Dat is een interessante. We hebben bekeken of er een verschil is in mobiliteitsbeleid tussen bedrijven die veel moeite hebben om vacatures in te vullen en bedrijven die daar minder moeite mee hebben. Daarbij konden we heel duidelijk constateren dat bedrijven die het instrument ‘extra secundaire arbeidsvoorwaarden’ hanteren, veel minder moeite hebben om vacatures in te vullen. Daarbij zijn de drie belangrijkste voorwaarden: auto van de zaak, fiets van de zaak en een vorm van bonusregeling. Er is een directe relatie tussen het aanbieden van die voorwaarden en hoeveel moeite een bedrijf heeft met het invullen van een vacature.”

Is de auto dan ook veel populairder dan de fiets van de zaak?

“Vanuit de zakenautorijder zeer zeker, vanuit  het perspectief van die fietser niet. Klinkt logisch, maar een fiets van de zaak wordt hoog geapprecieerd, vooral ook door treinreizigers. Er zit een duidelijke tweeledigheid in de fiets van de zaak. Vorig jaar nam die sterk in populariteit toe, zowel bij werkgevers als -nemers. Die groei is echter niet volledig geeffectualiseerd.
Dertig procent van de bedrijven was voornemens om een fiets van de zaak-regeling op te zetten en 21 procent heeft dat daadwerkelijk gedaan. Het is blijkbaar ingewikkelder dan gedacht. En niet alleen fietsers en treinreizigers zijn erin geïnteresseerd. Als je het als bedrijf heel belangrijk vindt dat mensen op een andere manier met mobiliteit bezig zijn, dan is de e-bike een heel krachtig instrument.”

Is het voor de eerste keer in de twaalf jaar dat jullie dit nu doen dat je zo sterk ziet dat er echt beleid gemaakt wordt van minder mobiliteit?

“Ja, dat zeker. Het aantal bedrijven dat aangeeft geen mobiliteitsbeleid te hebben, wordt steeds kleiner.”

Hoeveel effect heeft dat op het wagenpark?

“Vorig jaar kon je maar bij vier procent alleen maar een elektrische auto van de zaak krijgen. Dat is nu toegenomen naar vijftien procent. Steeds meer bedrijven promoten elektrische auto’s en steeds meer werknemers willen een elektrische auto.”

Overheidsregulatie en kostprijs zullen dat verder versterken?

“Dat denk ik wel. Ik ben heel benieuwd hoe bedrijven ermee om zullen gaan wanneer ze verplicht worden te rapporteren op uitstoot. Die verplichting kan best leiden tot meer beleid. Daar komt nu een extra aspect bij: de kostprijs van een kilometer. Die gaat fl ink omhoog. Ook elektriciteit wordt duurder. Economische omslagpunten zoals die vroeger golden, gelden allang niet meer.”

We hebben de afgelopen jaren gezien dat het NZMO een betrouwbare voorspellende waarde heeft. Welke kant gaat het op met de adaptatie van EV’s?

“Je ziet op dit moment een duidelijk kantelpunt: je mag bij meer bedrijven elektrisch kiezen dan benzine. Dat is echt de eerste keer. Diesel mag steeds minder vaak gekozen worden, dat is duidelijk nog maar bij 39 procent van de bedrijven staat dat toe. Benzine neemt ook af, evenals plug-in en hybride. Dat gaat allemaal ten gunste van elektrisch.” 

De fiets van de zaak blijkt lastiger dan verwacht

Hoe zit het met de merken, wil iedereen nog altijd een Tesla?

“Loyaliteit neemt in z’n algemeenheid af, maar nu de bijtellingsfactor vrijwel is weggevallen, zie je wel dat mensen weer emotionele keuzes maken. Een merk als BMW krijgt dan ook weer meer merkloyaliteit. Merken doen er weer meer toe. Wat je ook ziet: de loyaliteit bij Tesla neemt enorm af. Eerder was dat bijna honderd procent, maar door de enorme groei zijn er ook veel rijders bijgekomen die minder gevoel hebben bij dat merk. De traditionele verhoudingen komen weer terug, ook omdat zij hun EV-portfolio inmiddels weer op orde hebben.”Bestel het Nationale Zakelijke Mobiliteits Onderzoek hier.

Geplaatst in rubriek:
Gandor Bronkhorst
Gandor Bronkhorst

Gandor Bronkhorst is als hoofdredacteur verantwoordelijk voor de titels in de divisie Mobility & Automotive van Promedia, waaronder Automotive Management en Fleet&Mobility. In zijn vrije tijd houdt hij zich bezig met horloges en goed eten.