Smeermiddelen Leveranciers zoeken nieuwe verdienmodellen

Hoe oliemaatschappijen willen groeien in een krimpende markt

Luberto van Buiten Luberto van Buiten
• Laatste update:
Auto's gaan steeds minder olie verbruiken. (Beeld: Shutterstock)

Is de oliemarkt op sterven na dood door de elektrificatie van voertuigen? Het lijkt er niet op. Smeermiddelenfabrikant Petronas investeerde in 2018 nog 60 miljoen dollar in een nieuw ‘fluid & lubricant center’ vlakbij Turijn. En dat is niet voor niets, vertelde Domenico Ciaglia, directeur Petronas emea, tijdens een bezoek van Automotive aan de Autopromotec in Bologna. “Europa is – naast de meest gunstige tijdzone in vergelijking met de andere continenten – voor ons een sleutelmarkt voor nieuwe technologie, hierin is Europa echt nog leidend. China is daarin bijvoorbeeld veel meer volgend. Daarnaast is de elektrificatie van voertuigen ook nergens zo ver als in Europa, dus is het voor ons zaak om ons juist hier op die onvermijdelijke toekomst voor te bereiden.”

Want in die toekomst, zo ziet ook Ciaglia, bestaat de vloot in Europa – als het aan de Europese overheid ligt – uit volledig elektrische auto’s. Vanaf 2035 mogen er geen nieuwe brandstofauto’s meer worden verkocht; uitgaande van een leeftijd van 15 jaar voor een auto zou dan ergens rond 2050 het wagenpark compleet moeten zijn vernieuwd. Zodoende zijn alle olie- en smeermiddelproducenten op zoek naar hoe die verwachte opdroging van de olieplas kan worden opgevangen.

Elektrische auto’s kunnen wel zonder olie maar niet zonder smeermiddelen, voor bijvoorbeeld de motor en de assen. Ook wordt er nu geïnvesteerd in de fabricage van koelvloeistoffen voor de batterij – in een EV essentieel. “We zijn nu bezig met het ontwikkelen van die vloeistoffen voor EV’s die vanaf 2024 op de markt komen. Smeermiddelen zijn in een EV des te belangrijker omdat je de motor niet hoort – in een brandstofauto overstemt het motorgeluid eventuele piepjes bij wrijving. Ook het gewicht maakt dat er extra druk op bijvoorbeeld de assen komt”, aldus Ciaglia.

Plas wordt groter

Om de naamsbekendheid te vergroten stapte Petronas in de Formule 1. Dat legde het bedrijf – zeker na het aaneenrijgen van Formule-1-titels door AMG-Petronas-coureur Lewis Hamilton – geen windeieren. Ook wordt de samenwerking gebruikt om producten te verbeteren. Want voorlopig zal de olieplas eerder groeien dan krimpen, verwachten ze bij Petronas (zie kader). “Het aantal verkochte liters stijgt nog steeds. En we zien door de schaarste aan nieuwe auto’s ook een toenemende verkoop van occasions, in heel Europa”, aldus Ciaglia. “Dat is natuurlijk gunstig voor ons. Wel worden er steeds hogere eisen aan de olie gesteld: enerzijds moet hij dun zijn zodat het verbruik daalt, anderzijds moet hij natuurlijk wel voldoende bescherming blijven bieden.”

We zien bij onze afnemers de vraag naar kennis over olieproducten toenemen

Stephan Dergent, verantwoordelijk voor de Benelux-markt, ziet naast de elektrificatie nog een reden voor de afnemende vraag naar smeermiddelen. “We weten dat op de lange termijn de olieplas kleiner wordt. Corona heeft een blijvende impact op het verkeer, in die zin dat thuiswerken veel normaler is geworden. We vermoeden dat er minder kilometers zullen worden gemaakt.”

Na 2050 zal Petronas dan ook een groter deel van de omzet uit de industrie moeten halen. Over de verhoudingen tussen deze segmenten geeft het bedrijf echter niets prijs, laat staan wat die dan in de toekomst moet worden. “Binnen Petronas hanteren we de doelstelling dat het marktaandeel in de industrie in 2025 moet zijn verdubbeld”, aldus Dergent.

Dunner

Op technologisch vlak is de uitdaging van olieleveranciers om een dunne olie te leveren om het brandstofverbruik te minimaliseren, maar wel een die voldoende bescherming blijft bieden. Dankzij de sponsoring van het Formule 1-team van Mercedes zit Petronas “kort op de bal”, zegt Dergent. “Het is niet alleen een naampje op de auto en het leveren van de smeermiddelen. We hebben een fluid engineer op het circuit die de prestaties van de olie meet, om continu te kunnen verbeteren.”

Ook bij de Nederlandse smeermiddelenleverancier Kroon-Oil zien ze op korte termijn nog voldoende vraag naar smeermiddelen en daarbij ook de noodzaak om ook deze productgroep te blijven verbeteren. “Motorolie wordt steeds dunner, maar moet anderzijds ook voldoende bescherming blijven bieden”, zegt Leon ten Hove, marketingmanager bij Kroon-Oil. “Door het toenemend aantal verschillende producten zien we bij onze afnemers vooral dat de vraag naar kennis blijft toenemen. Inmiddels geven wij al ruim 6,5 miljoen adviezen per jaar via onze website.”

Prima geschikt

Hoe het bedrijf zal ‘diversifiëren’ vanwege de dalende olie-omzet uit de automotive ten gevolge van elektrificatie is nog koffiedik kijken, vindt hij. En die EV’s? “Natuurlijk moet je daar al mee bezig zijn, voor de lange termijn. De komende tientallen jaren rijden er nog altijd veel verbrandingsmotoren rond die specialistische motoroliën nodig hebben. En ook de al bestaande producten, bijvoorbeeld voor hybride voertuigen, zijn in veel gevallen prima geschikt voor EV’s.”
Er komt volgens zowel Ten Hove als de andere olie-experts nog wel een uitdaging bij: namelijk het feit dat de systemen in EV’s, zoals de koeling, in principe maar een keer worden afgevuld: als de auto uit de fabriek komt. En voor de verversingsintervallen proberen de autofabrikanten de auto’s in het eigen netwerk te houden door de garantietermijn te verlengen, zoals bij Lexus naar 10 jaar.

Ook Eurol ziet voorlopig nog wel groei in de olieplas voor auto’s, maar het bedrijf kijkt ook wel steeds meer naar andere markten, vertelt marketingmanager Dennis Marsman. “Voor de transportsector, landbouw, grondverzet en scheepvaart is elektrificatie veel complexer. Hier blijven de verbrandingsmotoren nog veel langer in beeld. Daarnaast lopen West-Europa en China voorop in elektrificatie; de opkomende economieën en ontwikkelingslanden zullen allemaal in een ander tempo volgen.”

Gimmick

Veel elektrische auto’s kunnen prima af met smeermiddelen die ook voor hybrides worden gebruikt, weet Ten Hoves techniek-collega Bernard Voortman van Kroon Oil. Hij ziet in de markt dan ook nog wel eens producten met een EV-etiketje die vrijwel identiek zijn aan al bestaande producten. “Dat is enerzijds niet erg, want je geeft ermee aan dat het product geschikt is voor een elektrische auto; maar we moeten als leveranciers er wel voor zorgen dat het geen ‘gimmick’ wordt.” Want uiteindelijk stellen elektrische auto’s wel andere eisen aan smeermiddelen.

Ook Kroon-Oil is daarom bezig om een EV-lijn te ontwikkelen. “De specificaties van smeer- en koelmiddelen worden steeds specifieker gericht op de elektrische aandrijflijn. Feit is wel dat koelproducten er nieuwe taken bij krijgen. Zo moeten ze met hogere toerentallen en temperaturen overweg kunnen, niet geleidend zijn en de bedrading mag niet oxideren als het in aanraking komt met de vloeistof.” Voortman volgt de toekomst van smeermiddelen en de ontwikkeling van EV-technieken op de voet. Maar welke kant het uiteindelijk opgaat, is volgens hem moeilijk te zeggen. “Er zullen steeds minder vloeistoffen nodig zijn en de vloeistoffen die worden gebruikt, worden steeds specialistischer. Dat houdt de markt in beweging.”

Ook Marsman (Eurol) ziet dat het huidige productgamma de vraag prima aankan. “Tot dusver zijn we altijd nog in staat geweest om met ons huidige productassortiment te voldoen aan de eisen die gesteld worden door de OEM’s. Ook voor de hybride voertuigen en volledige EV’s. Als OEM’s specifieke eisen gaat stellen voor EV’s, zullen we daar uiteraard producten voor uitrollen.”

Oude wijn

De meeste producten die nu op de markt komen zijn dus oude wijn in nieuwe zakken, wellicht iets aangepast naar de maatstaven van de EV, maar wel op basis van de wens van autofabrikanten. Bij TotalEnergies trokken ze de stoute schoenen aan en besloten ze om dit traject eens om te draaien en zelf een koelsysteem te ontwikkelen en dat aan autofabrikanten te presenteren. “Normaliter bouwt een autofabrikant een auto en ontwikkelen leveranciers daar de smeer- en koelmiddelen voor, op basis van de wens van die fabrikant.

Koelproducten krijgen er steeds meer nieuwe taken bij

Het gaat daarbij ook steeds vaker om lifetime smering, ofwel: de olie hoeft niet of nauwelijks te worden vernieuwd, dus dat levert de werkplaats steeds minder business op. En het betekent voor ons dat het nog belangrijker is om eerste leverancier te zijn”, zegt Hans de Haan, directeur specialties en lubricants.

Levensduur

olieman

Total Energies testte de ideale manier van koelen op een speciaal daarvoor geprepareerde Volvo XC90 plug-in hybrid. “We besloten om de batterij niet indirect te koelen, zoals gebruikelijk, maar compleet in de olie onder te dompelen”, zegt De Haan. “We zagen dat we op deze manier de temperatuur van de accu veel beter kunnen managen. Daarmee is hij minder afhankelijk van weersinvloeden. Concreet betekent dat voor een berijder dat de actieradius in zomer en winter niet zoveel van elkaar verschilt als nu het geval is.”
En niet alleen de actieradius is vrijwel constant, ook voor de levensduur van de batterij is deze technologie beter. “Je kunt ook heel efficiënt laden omdat dit kan bij de ideale temperatuur. De laadsnelheid die de accu kan absorberen wordt ook mede bepaald door de temperatuur. Bij snellaadstations tot 350 kW komt warmte vrij die bestaande koelsystemen maar moeilijk aankunnen.”
Het is voor de koelvloeistof essentieel dat hij niet-geleidend is en een lage viscositeit heeft, want hij moet wel snel kunnen worden rondgepompt en moet zo min mogelijk weerstand hebben.
Autofabrikanten zijn enthousiast over het concept, zien ze bij TotalEnergies. “Het opladen gaat sneller en de koeling is beter, zonder dat het ontwerp van de batterij of het voertuig hoeft te worden aangepast; hooguit zijn er wat kleine aanpassingen nodig om de componenten bijvoorbeeld compatibel te maken voor de koelvloeistof. Dat betekent dat een snelle implementatie mogelijk zou kunnen zijn.” En er zijn meer voordelen voor de autofabrikant: Volgens de berekeningen van TotalEnergies gaat de voertuigmassa uiteindelijk met 4 procent omlaag en dalen de kosten met 5,6 procent.

Kinderschoenen

Maar, haast De Haan zich te zeggen: de technologie staat nog in de kinderschoenen en zal nog worden doorontwikkeld in samenspraak met de producenten. Net als de andere olie-experts ziet ook De Haan dat hier nog tijd voor is. “Van het totale wagenpark in Nederland is in 2030 ongeveer 20 procent een elektrische. Dus voorlopig kunnen wij en onze afnemers nog wel vooruit met smeermiddelen voor brandstofauto’s. En wij zijn als organisatie natuurlijk al langer bezig met het ontwikkelen van nieuwe brandstoffen en met het inspelen op nieuwe aandrijvingen zoals de elektrische.”

De markt

Van de totale afzet aan olie en smeermiddelen is 39 procent bestemd voor industrie en 61 voor transport/automotive. De verwachting is dat de groei van de smeermiddelenvraag in die laatste sector de komende jaren zal afnemen en vanaf 2035 negatief wordt. De industriële vraag neemt juist verder toe. Voor Nederland schat Petronas de huidige smeermiddelenvraag in op 195 kiloton, waarvan 70 procent voor transport. Het pure automotive gedeelte (exclusief trein, lucht- en scheepvaart) zal ongeveer 63 kiloton bevatten.

Hiervan neemt het personenvervoer ongeveer 33 duizend kiloton voor zijn rekening, waarvan het merendeel in de onderhoudsmarkt. De dealers zijn goed voor 40 procent van de marktvraag, universelen goed voor zo’n 30 procent; de overige dertig procent afnemers bestaat uit handelaren, onderdelen- en materiaalzaken, tankstations en meer.
(Bron: intern document Petronas)

Geplaatst in rubriek:
Luberto van Buiten
Luberto van Buiten

Luberto van Buiten (’76) ging in 2006 aan de slag bij Automotive. Hij was als hoofdredacteur eindverantwoordelijk voor de redactionele inhoud van sites en magazines van het cluster Auto & Fleet van ProMedia, en beheerde voor Automotive de portefeuilles verhuur en leasing. In zijn vrije tijd speelt Luberto gitaar in Nederpopband Laagland, tennist en loopt – zo af en toe – hard. Op 1 januari 2023 maakte hij bij ProMedia de overstap naar de functie van uitgever bij de divisie Rail & Cargo.