Autohandelaar veroordeeld voor btw-fraude

Nienke Eusterbrock Nienke Eusterbrock
• Laatste update:
Het Openbaar Ministerie eiste eerder een aanzienlijk hogere straf. (Foto: Shutterstock)

De Woerdense autohandelaar E. van der W. is veroordeeld tot een onvoorwaardelijke celstraf van 16 maanden en 8 maanden voorwaardelijk, wegens verkeerde belastingaangiften. Ook moet hij een boete betalen van 500 duizend euro. Dat heeft de Amsterdamse rechtbank besloten. Hij blijft op vrije voeten tot het hoger beroep is afgerond.

Het Openbaar Ministerie eiste eerder een aanzienlijk hogere straf van 30 maanden cel, waarvan ook acht maanden voorwaardelijk, en daarnaast een geldboete van 1,8 miljoen euro. In het begin van de zaak was er nog sprake van een claim van zes miljoen euro, nu dus teruggebracht tot 500 duizend euro.

Het OM stelde dat E. Van der W auto’s afgeleverd heeft aan afnemers in de Europese Unie, die mogelijk btw-fraude hebben gepleegd. Het fiscale nadeel zou 8,1 miljoen euro bedragen. De Woerdense autohandelaar had volgens het OM moeten weten dat deze fraude plaatsvond. Hij moet de btw nu betalen, omdat de mogelijke frauderende afnemers katvangers of plof-bv’s bleken te zijn, bij wie geen euro te halen valt, aldus het OM.

Volgens de rechter wist E. van der W. dat de feitelijke kopers niet de kopers waren aan wie gefactureerd werd en wist hij dus ook dat die facturen vals waren. De facturen lagen vervolgens weer ten grondslag aan de belastingaangiften en dat maakte die aangiften onjuist. De rechtbank constateert dat sprake was van een vooropgezet plan. 

Hoger beroep

Van der W. vindt dat hem niets te verwijten valt. Zijn verdediging stelt dat niet kan worden vastgesteld dat de bedrijven betrokken zijn bij btw-fraude en dus ook niet of deze (vermeende) fraude betrekking heeft op de handelsketens met de autobedrijven van de Woerdense autohandelaar. Ook zou er niet kunnen worden bewezen dat, als al sprake zou zijn van btw-fraude door deze bedrijven, de autobedrijven van Van der W. daarvan wisten.

De autohandelaar gaat in hoger beroep.

Eerder werden in een vergelijkbare zaak twee Hoogeveense autohandelaren veroordeeld tot lange celstraffen. In hun geval oordeelde de rechter dat ze willens en wetens onderdeel uitmaakten van een criminele organisatie, dat is nu volgens de rechtbank niet aan de orde. 

Mede, omdat onduidelijk is hoever de bewijsplicht van Nederlandse ondernemers bij export gaat, kleeft er nog altijd een gevaar aan het handelen over de grens.